Coursing

Behalve baanrennen worden enkele malen per jaar coursings georganiseerd. Bij een coursing wordt de vlucht van een haas zo natuurgetrouw mogelijk nagebootst op een open terrein, waarbij het haas door middel van klossen haken slaat in diverse richtingen en waarbij eventueel ook hindernissen zijn geplaatst waar de honden over kunnen springen doordat een coursingstracject zo gevarieerd verloopt is dit voor de honden veel aantrekkelijker. Om aan een coursing deel te kunnen nemen behoeft de hond geen rencertificaat te hebben, maar wel een zo genoemde haasvastverklaring.

Impala en Helena v.d. Fijola Hoeve op het Rhonostrand.

Tijdens de coursing. Dienen alle honden een muilkorf om te hebben en voorzien te zijn van een rode of een witte rendek. De gene met het witte rendek staat rechts van de starter de gene met het rode rendek staat links van de starter nationaal. Internationaal is het andersom. Op het teken van de starter worden de honden los gelaten en mogen zij een parcours lopen van 700 meter. Dit geldt voor alle kleine rassen tot aan de Whippet. Alle overige rassen lopen 1000 meter. Tijdens deze rit worden de honden op een 5 tal punten beoordeeld ( enthousiasme, achtervolgen, snelheid, behendigheid, doorzetting). Deze worden later toegelicht. Het parcours is nooit 2 keer het zelfde en zal in de pauze veranderd worden zodat de honden niet het zelfde rondje lopen. De terreinen waar de coursings op worden gehouden kunnen heel verschillend zijn. Het kan vlak en van gras zijn maar ook met kleine heuvels en ondergrond van zand.

Wheezy Wind's Floortje oplettend bij de start en klaar om te reageren

Dan is er ook nog eventueel de extra serie deze is bedoeld om te voorkomen dat bij een oneven aantal honden 1 hond alleen moet coursen. Bij een oneven aantal honden wordt de hond die nog niet heeft gelopen ingedeeld onder rood in de extra serie. Zijn tegenstander is de hond die in de eerste rit het minste aantal punten heeft behaald; deze loopt onder wit. Deze hond onder het witte rendek heeft dan 2 keer gelopen en mag van zijn wel verdiende rust gaan genieten. De hond onder het rode rendek loopt in de 2de rit nogmaals.

Tijdens zo'n rit worden de honden zoals eerder genoemd beoordeeld op 5 verschillende punten en voor elk van deze 5 criteria kan de hond maximaal 20 punten krijgen. Dus in totaal 100 punten per jurylid.

 

De honden worden op 5 criteria beoordeeld tijden de coursing

Enthousiasme
Dit kan op verschillende manieren door de hond getoond worden: ongeduld bij de start, een opmerkzame en voortdurend op het haas gerichte blik, duidelijk aantoonbare wil om het haas te pakken, fanatieke ''kill'', de wijze waarop de hond zich hersteld tijdens de rit na bijvoorbeeld een val of een misslag.

Wheezy Wind's Floortje die een haak slaat om het haas te volgen.

Achtervolgen
De (verbeten) wijze waarop de hond het haas achtervolgt en probeert het te pakken, ook het inzicht van de hond na het ontstaan van een nieuwe situatie (klos door voorganger genomen bijvoorbeeld). Het duidelijk zoeken naar de prooi als de hond het haas kwijt is, zijn belangrijke aanwijzingen. Bij het volgen moet wel een redelijke benadering van de gang van het haasje door de hond worden aangehouden (niet heel erg afsnijden maar ook niet doorlopen tot de klos als het haas al een heel stuk verder is).

Wheezy Wind's Floortje op volle snelheid en afwisseling van terrein.

 

Snelheid
Deze wordt op het lange rechte stuk beoordeeld; een zo genoemde. ''go bye'' (het met duidelijk verschil inhalen en voorbij lopen van de tegenstander) is natuurlijk een goede aanwijzing. De renstijl van sommige honden kan misleidend zijn. Dit vanwege de bouw van de hond (korte honden hebben vaak een veel snellere bewegingsritme dan honden die langer zijn terwijl dit niet het geval dus hoeft te zijn) ; belangrijk is de manier waarop de hond zich helemaal 'geeft'.

Behendigheid
Het gemak waarmee de hond haken slaat, de manier waarop eventuele hindernissen genomen worden, wendbaarheid, balans (struikelt de hond steeds zonder duidelijke reden bijvoorbeeld).

Wheezy Wind's Floortje en haar tegenstander samen behendig een haak slaan.

Doorzetting
Uithoudingsvermogen; de hond mag tijdens de gehele course niet verslappen de renstijl mag niet verslechteren.

Bij de lure-coursing blijft de prooi op een gegeven moment liggen en ook hier is een verduidelijking op zijn plaats om een goed oordeel te kunnen vormen over het gedrag van de honden. De Whippet heeft meestal moeite om zijn echte prooi alleen en onmiddellijk te doden, daarom is het haast verplicht dat zijn maat hem helpt door ook toe te grijpen. Bij de grotere rassen is de prooi meestal onmiddellijk dood, zodat het toegrijpen door de partner niet meer noodzakelijk is. Daarom moet men bij deze rassen het beoordelen van de partner niet nadelig worden beïnvloed omdat hij niet toegrijpt; vaak is het zo dat de partner aandachtig toekijkt om zonodig mee in te springen.

Heb je een hond die bijzonder goed presteert, dan kun je het CACIL winnen op een Internationale coursing. Heb je twee CACILS gehaald, in twee verschillende FCI- lidstaten, met een tussenpoos van minimaal een jaar en een dag, én twee keer minimaal een ZG op een Internationale show, dan mag je hond zich "International Coursing Champion" noemen. Dit te halen, is iets heel bijzonders er zijn een 4 tal Whippets in Nederland die deze titel dragen.

Om mee te mogen doen aan coursing is er sinds 2009 de volgende regelgeving van kracht

Mythago's Campari en Impala v.d. Fijola Hoeve die samen vechten door het zware zand.

Procedure omwisseling certificaten.

  1. Er komen m.i.v. seizoen 2009 aparte renboekjes voor rennen en coursings
  2. De coursingboekjes worden vernieuwd en krijgen een op de coursing toegesneden lay-out
  3. Behaalde resultaten op coursings worden in het coursingboekje aangetekend, die van baanrennen worden in het baanrenboekje aangetekend.
  4. Eigenaren, die een coursingboekje hebben en voor 2009 een nieuwe coursinglicentie aanvragen krijgen behalve de nieuwe licentie ook een nieuw coursingboekje. De nieuwe licentie moet, zoals normaal, worden betaald, het nieuwe coursingboekje wordt kosteloos verstrekt.
  5. Deze eigenaren moeten ook een foto voor in het nieuwe coursingboekje aanleveren. Mogelijk kan hiervoor de foto uit het oude renboekje worden gebruikt.
  6. Eigenaren die een baanrenboekje hebben en in 2009 ook aan coursings willen deelnemen, zullen zowel een baanlicentie als een coursinglicentie moeten aanvragen en betalen. Zij behouden het oude renboekje en krijgen kosteloos een nieuw coursingboekje. Zij moeten een foto van de hond aanleveren.
  7. Eigenaren die een coursingboekje hebben en in 2009 ook aan baanrennen willen deelnemen, moeten een baanlicentie aanvragen en betalen. Zij krijgen een baanrenboekje. Zij moeten ook een foto van de hond aanleveren.

NB. In het nieuwe coursingboekje worden niet de vóór 2009 behaalde resultaten overgenomen. Als men in de loop van het jaar een CACIL-aanvraag of aanvraag voor een gebruikshonden-verklaring doet, dient met te bewijzen dat men aan de eisen voldaan heeft d.m.v. fotokopieën van behaalde resultaten uit het oude coursingsboekje.

T.a.v. het licentielopen geldt met ingang van het nieuwe seizoen het volgende:

  1. Het licentielopen voor een verklaring goed rond voor een baancertificaat dient te geschieden op een renbaan.
  2. Het wordt ook mogelijk (niet verplicht) om licentie te lopen voor de jury tijdens een baanren
  3. Het licentieflopen voor een haasvastverklaring t.b.v. een coursingcertificaat dient te geschieden op een coursingveld.
  4. Het wordt ook mogelijk (niet verplicht) licentie te lopen voor de jury tijdens een coursingwedstrijd.
  5. Bij het licentielopen voor een baanlicentie moeten de honden 2 maal een goede licentieloop afleggen. Deze eis zal ook gaan gelden voor het licentielopen voor een haasvastverklaring.

Honden die na diskwalificaties verplicht moeten licentielopen om de ingehouden licentie terug te krijgen, moeten dit altijd doen voor de jury tijdens een baanren of coursingwedstrijd.